Structuur van de lessen

Aan het begin van iedere dag wordt het lesprogramma besproken. Dit programma is zichtbaar op het bord of op de dagritmekaarten. Nagenoeg iedere les start met een organisatorische uitleg van de leerkracht. De kleurenklok en/of de gewone klok wordt gebruikt om te laten zien hoeveel tijd kinderen hebben voor een bepaalde activiteit. De leerkracht legt uit wat van de kinderen wordt verwacht. Dit kunnen afspraken zijn over samenwerken, elkaar helpen en de werksfeer.

De instructieonafhankelijke leerlingen kunnen zelf starten. De leerkracht geeft dan inhoudelijke instructie aan de groep. Na deze instructie maakt de leerkracht een ronde door de klas. Deze ronde is bedoeld om kinderen direct feedback te geven, op weg te helpen en om een compliment te geven. Tijdens de ronde streeft de leerkracht ernaar alle kinderen kort aandacht te geven.

Na de eerste ronde helpt de leerkracht een of meerdere kinderen aan de instructietafel. Dit zijn de kinderen die op dat moment nog extra instructie nodig hebben.

Als kinderen klaar zijn met hun werk kunnen ze direct verder met een vervolgactiviteit. De activiteiten kunnen gekozen worden van het kies- en planbord, werkkaarten (kleutergroepen) of een weektaak. Op de weektaak staan activiteiten voor alle kinderen, maar ook specifieke activiteiten die zijn afgestemd op de leerbehoefte van het kind.

Speciale GIP-regels, die in de hele school gelden en die het proces ondersteunen, worden met de kinderen afgesproken en steeds verder uitgebouwd. Door op uniforme wijze in de hele school te werken aan een herkenbare structuur, weten de kinderen wat er van hen wordt verwacht en ontstaat er rust in de klas en in de school.

  • Klassenblogs

    Wilt u het nieuws vanuit onze klassen lezen?

    Lees de klassenblogs